Tips voor een goede zwavelvoorziening

PrintPrint  Stuur doorStuur door
Kunstmeststrooier. |bron Bogballe
Samenvatting: 
  • De gehaltes zwavel nemen af in Nederlandse percelen. Bemesting is vaak nodig om aan de zwavelbehoefte van het gewas te kunnen voldoen.
  • Uit dierlijke mestis slechts 10% van de zwavel direct beschikbaar voor het gewas.
  • Het komt dus vaak aan op een kunstmestgift in het voorjaar.

Tips voor een goede zwavelvoorziening

De gehaltes zwavel nemen af in de Nederlandse bodem. Bemesting is dus vaak geen overbodige luxe. Voor zowel opbrengst als kwaliteit is zwavel een belangrijk nutriënt. Houd er rekening mee dat zwavel ook nog eens uitspoelingsgevoelig is!

Voor veel telers is het even wennen: we moeten nu toch echt rekening houden met zwaveltekorten. Waar tot voor kort we konden rekenen op de ‘zure regen’ als gratis aanvoer van zwavel is dat nu afgelopen. Depositie bestaat nog nauwelijks.

Uit de cijfers van Eurofins Agro blijkt bovendien ook nog eens dat C/S-ratio in met name zandgrond is toegenomen. Er mineraliseert dus minder zwavel uit organische stof door toedoen van bodemleven. Zie voor meer informatie hierover het artikel Significante daling zwalelgehaltes Nederlandse percelen.

Dierlijke mest: slechts 10% direct beschikbaar

Via dierlijke mest wordt wel zwavel op het land gebracht, maar met name voor vroege gewassen is dit geen oplossing. Slechts 10% van de zwavel in dierlijke mest is direct beschikbaar. 90% dient vrij te komen door mineralisatie. Ter vergelijking: bij stikstof is dit 50%, die ook nog eens vroeger vrijkomt. De mineralisatie van zwavel komt echter pas op gang in de tweede helft van mei. Voor bijvoorbeeld gras en wintertarwe is dat veel te laat, maar ook voor de meeste andere gewassen.

Sinds een aantal jaar geven we ook op adviesbasis richtlijnen voor zwavelbemesting. Voor wintertarwe geldt  dat 20 kg zwavel per hectare vaak goed is om een tekort te voorkomen. Stel  dat u 20 kuub dierlijke mest op het land brengt in het vroeg voorjaar, dan zit daarin rond de 30 kg zwavel per hectare. Daarvan is 10% direct beschikbaar: dat is dus slechts 3,5 kg zwavel per hectare die in het voorjaar beschikbaar is bij de aanvang  van de gewasgroei.

Kunstmestgift in het voorjaar

Zwavel is voor alle gewassen belangrijk, maar zeker koolsoorten zijn zwavelbehoeftig. Ook wintertarwe en gras zijn sterk afhankelijk van zwavel. Een zwaveltekort is relatief eenvoudig te voorkomen door in het vroege voorjaar een zwavelbemesting (kunstmest) toe te passen. Recent heeft Eurofins Agro proeven gehouden op grasland. Daaruit bleek dat het verschil in opbrengst enorm is bij percelen waarin het zwavelvoorziening in orde is in vergelijking met percelen waar een tekort is. Bij de percelen met een tekort was er sprake van een opbrengstderving van 750 kg droge stof per hectare. Dit kan wel oplopen tot 2000 kg droge stof per hectare.

Zwavel is niet alleen belangrijk voor de opbrengst, maar heeft ook invloed op de kwaliteit van gewassen. Zo is uit internationale literatuur bijvoorbeeld bekend dat zwavel in de uienteelt van betekenis kan zijn voor  de smaak van uien. Ook in de teelt van het internationaal belangrijke gewas soja is het van invloed op de voederwaarde. Bij graan wordt de kwaliteit van eiwit onder andere bepaald door de S-voorziening

Laat het CHECKEN!

Een zwaveltekort uit zich vaak door lichte kleuren in het blad. Het is echter vaak lastig om te beoordelen waardoor een tekort nu daadwerkelijk wordt veroorzaakt. Door het beschikbaarheidsonderzoek CHECK uit te laten uitvoeren is het mogelijk om tijdens het seizoen de direct beschikbare hoeveelheid stikstof te meten in de grond. Bovendien houdt dit onderzoek rekening met eerdere analyses die zijn uitgevoerd van hetzelfde perceel. Zo weet u ook hoeveel de bodem zelf nog kan naleveren vanuit de bodemvoorraad. 

Extreme verschillen mogelijk

Door extremen gedurende het seizoen is het vaak lastig in te schatten hoeveel er nog beschikbaar is voor het gewas. Gemineraliseerde  zwavel is enorm uitspoelingsgevoelig. Dat laat onderstaande figuur ook goed zien. Het verschil in beschikbaarheid van zwavel in gedeelten waar (extreem) veel of normale neerslag was gevallen, was enorm groot. Telers in Noord-Brabant en Limburg kunnen deze situatie ongetwijfeld goed navertellen.

juni_2016_neerslag.png
Neerslag in juni 2016 met de verschillen in S-min (plant beschikbaar / CHECK). |bron KNMI en Eurofins Agro

Zwavelbemesting, onze tips:

Voor een goede zwavelvoorziening adviseert Eurofins Agro het volgende

  1. Goed grondonderzoek loont. BemestingsWijzer geeft informatie over S-totaal, S-mineraal (plant beschikbaar) en de C/S-ratio. Zo kunt u gericht uw bemesting afstemmen op de zwavelbehoefte in het nieuwe seizoen.
  2. Zorg voor voldoende en een goede kwaliteit organische stof in de bodem. Enerzijds is dat goed voor het vasthouden van zwavel (minder uitspoeling, bodemstructuur), anderzijds is dit belangrijk voor mineralisatie. Aanvoer van voldoende organisch materiaal via bijvoorbeeld dierlijke mest of compost is van belang.
  3. Geef (indien nodig) een kunstmestgift zwavel in het voorjaar.
  4. CHECK gedurende het seizoen of de beschikbaarheid in orde is door CHECK-onderzoek. De gegevens hiervan zijn gekoppeld aan het BemestingsWijzer-onderzoek. Zo kunt u op tijd bijsturen. Immers: geen groeiseizoen is hetzelfde.