Groot verschil in voederwaarde tussen verse en ingekuilde mais

PrintPrint  Stuur doorStuur door
Blijf mais inkuilen met een droge stofpercentage van boven 30%.
Samenvatting: 

Het advies om mais in te kuilen met een droge stofpercentage van boven 30% blijft van kracht. Ook in ongewone situaties zoals afgelopen jaar blijft dit advies overeind om extreme verliezen te beperken.

Groot verschil in voederwaarde tussen verse en ingekuilde mais

De verdroogde maispercelen hebben veel veehouders hoofdbrekens gekost. Wat is nu wijsheid? Vroeg hakselen? Of toch maar hopen dat de kleine kolfjes nog wat extra zetmeel krijgen door langer te wachten?

De energiewaarde van een maisplant neemt af naarmate deze afrijpt. Normaal wordt er bij de afrijping zetmeel ontwikkeld, maar als het kolfaandeel gering is door de droogte, dan moet u deze energiewaarde toch vooral van de plant krijgen. (zie figuur 1) 

Figuur 1 Gemiddelde VEM-gehalte in maiskuilen en verse mais in 2018

Eurofins Agro heeft een analyse gemaakt om het verschil tussen verse vroege snijmaïs en de ingekuilde verdroogde snijmaïs in kaart te brengen. Er zijn daarvoor 300 verse snijmaïs monsters en 300 ingekuilde snijmaïs monsters met ernstige droogteschade (<250 g zetmeel) geanalyseerd.

Verschil tussen vers en ingekuilde mais

Uit deze analyse blijkt dat het VEM-gehalte in het verse product inderdaad hoger is bij mais met een lager droge stofpercentage. Hieruit kan geconcludeerd worden dat het vroeg geoogste groene product meer voederwaarde had bij de oogst dan die op de percelen waar langer gewacht is. De oorzaak hiervan is dat de plant op dat moment nog veel meer suikers bevat vanuit het plantsap. Het plantsap zorgt er ook voor dat het droge stofpercentage vaak lager is dan men verwacht van de kolfloze planten. (zie figuur 2)

Figuur 2 De verhouding tussen doge stof en het suikergehalte in verse mais in 2018

Bij maiskuilen met een laag zetmeelgehalte (< 250g zetmeel) is het verhaal andersom. Dit komt doordat de suikers in het plantsap van de verse mais in de kuil hoofdzakelijk omgezet zijn. In dat proces is veel van deze energie verloren gegaan. Hoe lager het droge stofgehalte, des te groter de energieverliezen zijn. Wanneer de kuil droger is, blijft er dus meer energie behouden. 

Advies 
Het advies om mais in te kuilen met een droge stofpercentage van boven 30% blijft van kracht. Ook in ongewone situaties zoals afgelopen jaar blijft dit advies overeind om extreme verliezen te beperken. Als u verse mais op stal gaat voeren is maakt het niet uit wanneer u dat doet, omdat hier het verteringsproces niet overheen gaat en er dus geen energieverliezen zijn. Dan is het dus geen probleem en misschien juist wel verstandig om hier tijdig mee te beginnen, om zo de hoge energiegehaltes zo goed mogelijk te benutten.