Meld je aan voor Topkuil 2017

PrintPrint  Stuur doorStuur door
Topkuil 2017
Samenvatting: 

Wie heeft de beste voorjaarskuil van het seizoen 2017? Doe mee en meld je aan!

Meld je aan voor Topkuil 2017

Met de huidige marktsituatie wordt de focus op kostprijs weer benadrukt. Veehouders die veel voer van goede kwaliteit van het land weten te halen, hebben daarbij een voorsprong. Topkuil speelt hier op in met een competitie-element en met artikelen over inkuilen op Melkvee.nl en in het vakblad Melkvee. Wie heeft de beste voorjaarskuil van het seizoen?

Individueel en studieclub
Melkveehouders kunnen, door zich in te schrijven via het aanmeldformulier, op twee manieren meedoen. Individueel en met een studieclub. Wie alleen individueel wil meedoen, vult alle gevraagde gegevens in zonder de studieclub vragen. Wil je ook meedoen met jouw studieclub vul dan die vragen ook in. Wanneer er minimaal vier deelnemers meedoen uit dezelfde studieclub, doet de studieclub mee in de Topkuil studieclub-competitie.

Inschrijving
Inschrijven is mogelijk tot en met september 2017. Voor deelname is de uitslag van de kuilmonstername een vereiste. De ingeschreven voorjaarskuil krijgt automatisch een ranking in het individuele klassement gebaseerd op de Topkuilformule. Deze formule bestaat uit vijf parameters en wegingsfactoren. Na het sluiten van de inschrijvingsperiode selecteert de jury de kuilen voor de individuele finaleronde op basis van het puntenaantal en de antwoorden op de managementvragen. De finalisten worden bezocht door de Topkuiljury, om het management achter de kuilen in beeld te krijgen. De einduitslag maakt de Topkuiljury bekend op een afsluitend Topkuilevent.

Voor de beste studieclub telt de gemiddelde score van de minimaal vier deelnemers. De vier beste studieclubs op basis van die gemiddelde score krijgen van de jury de nominatie van finalist. Tijdens het Topkuilevent bepaald de jury welke studieclub tot winnaar wordt uitgeroepen.

In de Topkuilformule draait het om vijf parameters:

VEM - Een kuil moet goed melken, daarvoor is voldoende energie nodig. Een rantsoen moet gemiddeld 950 VEM bevatten. In combinatie met een maïskuil moet de VEM van de graskuil dan ergens tussen de 925 en 975 zitten om voldoende VEM te hebben, maar ook weer niet te veel energie. Want bij te hoge VEM gehaltes in het rantsoen wordt er vaak te veel pensenergie gevoerd waardoor pensverzuring op de loer ligt.

RE - Gras is de eiwitbron van het bedrijf. Mais de energie bron. Een rantsoen moet gemiddeld 150 g RE hebben voor een goede melkproductie. Daarom moet de graskuil als eigen eiwitbron minimaal 160 g RE hebben. Het moet immers een positieve werking op het gemiddelde RE van het rantsoen hebben, als er nog energie componenten bijgevoerd worden. Een goed RE-gehalte bereik je door juist te bemesten naar het geplande maaimoment, en andersom (juiste maaimoment bij gegeven bemesting).

kd NDF - Een kuil moet naast energie en eiwit voldoende celwanden bevatten om de koe te laten herkauwen (NDF), zodat energie en eiwit ook goed benut worden. NDF heeft daarnaast een relatie met het groeistadium van de 1e snede, en dan zowel de snedezwaarte als de kwaliteit. Omdat niet de hoeveelheid celwanden zaligmakend is maar de verteringssnelheid van het NDF, staat die in de Topkuilformule: het kd NDF.

S-index - In het voorjaar is voldoende zwavel van belang voor een goede N-benutting op grasland. Dit kan 10-20% meeropbrengst geven, maar daarnaast ook een betere kwaliteit eiwit.

Conserveringsindex - Tussen kuil en voerhek kunnen veel verliezen optreden. Deze zijn te beperken door de risico's op broei te voorkomen. Melkzuur en azijnzuur spelen hierin een belangrijke rol, en die zijn te sturen door op juiste DS percentage in te kuilen. Dit is verwerkt in de conserveringsindex.

Topkuil wordt georganiseerd door Agrio samen met haar Topkuilpartners Eurofins Agro, Plantum, Reesink Technische Handel BV, Countus, Van Iperen en OCI Agro.

Inschrijven kan via deze pagina.

Trefwoorden: