Droge stof- of plantsapanalyse vergeleken

PrintPrint  Stuur doorStuur door
Inzicht in nutriëntenopname kan op twee manieren
Samenvatting: 

Inzicht in de opname van nutriënten is belangrijk bij het optimalisren van de bemesting. Een droge stofanalyse geeft informatie over alle nutriënten die een plant gedurende zijn bestaan heeft opgenomen. Bij een plantsapanalyse worden alle nutriënten in de sapstroom en in het celvocht bepaald. De analyse geeft inzicht in gebrek en overschot per dag en toont een momentopname. Eurofins Agro onderzoekt de mogelijkheden en de beperkingen van beide methodes.

Droge stof- of plantsapanalyse vergeleken

Inzicht in de opname van nutriënten maakt het mogelijk om de bemesting beter af te stemmen op de behoefte van het gewas en om bij groeiafwijkingen de juiste maatregelen te nemen. Eurofins Agro kan de opname van nutriënten analyseren via een droge stofanalyse (GewasCheck) en via een plantsapanalyse (PlantsapCheck). Wat zijn de verschillen?

Om te kunnen groeien moet een plant voldoende nutriënten opnemen uit de grond of het substraat waarin deze groeit. Als een plant te weinig nutriënten opneemt, ontstaan er gebreksverschijnselen. Door het tijdig toedienen van de juiste meststoffen zijn problemen te voorkomen.

In de bodemoplossing zijn direct opneembare nutriënten aanwezig (bijvoorbeeld kalium in de vorm K+ en stikstof als NH4+ en NO3-). Daarnaast zijn er nutriënten gebonden aan kleideeltjes en organische stof (NH4+, Ca2+, Mg2+, K+), het zogenaamde kleihumuscomplex of kationenuitwisselingscomplex (CEC) genoemd. Tot slot zijn er nutriënten vastgelegd in de bodem zelf. Hoeveel een plant opneemt, is afhankelijk van diverse factoren. Een nutriëntenanalyse van het plantmateriaal geeft inzicht in hoeveel een plant daadwerkelijk heeft opgenomen.

In een plant zijn de nutriënten aanwezig als opgeloste anorganische ionen of vastgelegd in organische verbindingen zoals eiwitten, chlorofyl en enzymen. De meeste essentiële nutriënten worden door de plant getransporteerd als anorganische ionen. Er zijn daarbij grote verschillen in het transport tussen de nutriënten; zo worden Na+, K+, Mg2+ gemakkelijk door de plant getransporteerd en Ca2+ niet.

Inzicht in voedingstoestand

Er zijn twee methodes om gewasanalyse uit te voeren om inzicht te krijgen in de voedingstoestand van een plant:

  • De droge stofanalyse. Dit is de klassieke methode waarbij zowel de opgeloste als de vastgelegde nutriënten uit de organische verbindingen worden bepaald in een gedroogd monster. De resultaten worden gepresenteerd in g/kg, µg/kg, %/kg of mmol/kg droge stof.
  • De plantsapanalyse. Deze test is gebaseerd op de nutriëntensamenstelling van geperst plantmateriaal na invriezen en ontdooien. Deze methode geeft informatie over de opgeloste nutriënten in het plantsap. De resultaten worden gepresenteerd in mg/l of als mmol/l.

De levenscyclus van een plant kent verschillende stadia: de opbouw, de ontwikkeling, de opslag en de afbraak. Bij het interpreteren van de resultaten van beide methodes is het belangrijk om het stadium van ontwikkeling waarin een plant zich bevindt, mee te wegen. De chemische samenstelling van het plantmateriaal is immers daarvan afhankelijk.

Droge stofanalyse

Een droge stofanalyse geeft informatie over alle nutriënten die een plant gedurende zijn bestaan heeft opgenomen. Het is een robuuste methode die een goed beeld geeft van de totale opname. Om het effect van het groeistadium uit te sluiten wordt aangeraden om het 4e of 5e volgroeide blad vanaf de top gerekend, te nemen voor een analyse. Als er gebreksverschijnselen of toxische symptomen optreden, kan het nuttig zijn om de afzonderlijke, aangetaste plantendelen te onderzoeken.

Plantsapanalyse

Bij een plantsapanalyse worden alle nutriënten in de sapstroom en in het celvocht bepaald. De analyse geeft inzicht in gebrek en overschot per dag en toont een momentopname. De analyseresultaten kunnen sterk schommelen, van bijna nul tot ver boven het optimum. Dit is onder andere afhankelijk van het klimaat. Plantsapmonsters dienen genomen te worden van droog plantmateriaal, dus als er geen dauw of regen op het gewas aanwezig is. De monstername moet plaatsvinden bij een maximale turgor (bladspanning) van de plantencellen, dus bij voorkeur in de ochtend. Na het bemonsteren dienen de monsters gekoeld te worden vervoerd en verdamping moet worden voorkomen door ze te verzenden in een afgesloten plastic zak.

Meer onderzoek

Eurofins Agro vergelijkt op dit moment de bruikbaarheid van de twee methodes. De methodes zijn compleet verschillend en de resultaten van de ene methode kunnen niet zonder meer worden gebruikt voor de interpretatie van de andere methode.

Een droge stofanalyse wordt veel gebruikt en daarover is dan ook een groot aantal referenties te vinden in wetenschappelijke literatuur. Sommige van deze referenties zijn echter vrij oud en hebben mogelijk geen betrekking op de huidige hoge opbrengstniveaus. Eurofins Agro beschikt over een zeer uitgebreide database met streefwaarden voor diverse gewassen.

Er zijn minder wetenschappelijke artikelen beschikbaar over de analyse van plantsap. Om de resultaten van een plantsapanalyse juist te kunnen interpreteren, wordt op dit moment gewerkt aan het verzamelen van meer data. Op basis van deze data in combinatie met de kennis van plantengroei en -ontwikkeling zal het mogelijk zijn om de adviezen op basis van plantsapanalyse (eventueel in combinatie met nutriëntenanalyses in de droge stof) steeds verder te optimaliseren.

Wilt u meer informatie ontvangen over de GewasCheck en/of PlantsapCheck? Neem contact op met uw monsternemer of klantenservice Horti via 088 876 1014 of horti@eurofins.com

ca-plantsap.png

De relatie tussen de Ca-concentratie van anjerblad bepaald door droge stofanalyse en door plantsapanalyse. Plant Nutrion of Greenhouse Crops (Cees Sonneveld en Wim Voogt 2009.)

k_plantsap.png

 

De relatie tussen de K-concentratie van tomatenblad bepaald door droge stofanalyse en door plantsapanalyse. Plant Nutrion of Greenhouse Crops (Cees Sonneveld en Wim Voogt 2009).

Trefwoorden: