BemestingsWijzer Bouwland

Let op borium-gehalte

Bij lage fosfaatgiften is extra aandacht nodig voor de hoeveelheid Borium (B) in de bodem. Een boriumtekort verslechtert de efficiëntie van fosfaat. Ook op percelen met veel organische stof komen lage boriumgehalten voor.

Borium en fosfaat zijn beide belangrijk voor de energievoorziening van het gewas. Een tekort aan borium vermindert bovendien de efficiëntie van fosfaat. Boriumgebrek zelf, resulteert in hartrot (bieten) en minder kolfontwikkeling (maïs), maar ook andere gewassen zijn gevoelig voor boriumtekort (bloemkool, witlof, aardappelen, tulpen, erwten, peer, appel).
 
Over het algemeen wordt aangenomen dat gronden met veel organische stof over voldoende borium beschikken. Uit cijfers van BLGG AgroXpertus blijkt dat op zandgrond bij organische stof gehaltes tussen de 5 – 10% toch nog 43% van de percelen een laag of vrij lage boriumtoestand heeft. Op deze percelen is er dus risico van boriumgebrek. Ook op duingronden worden veel verschillen in boriumtoestand gevonden. Op deze percelen is – zeker in combinatie met lage P-giften – extra aandacht voor borium op z’n plaats.

Akkerbouwers die de fosfaatruimte maximaal opvullen met dierlijke mest, moeten er rekening mee houden dat deze mest gemiddeld 2 gram per kuub borium bevat. Deze hoeveelheid is onvoldoende bij een lage boriumtoestand. De adviesgift kan op boriumarme gronden oplopen tot 1,5 kg B per hectare. Een aanvullende B-bemesting is dan noodzakelijk.